| Nederlands | Français | Genzyme Belgium | Genzyme Corporate | Search | Contact us | |||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
De ziekte van Pompe
Hoe wordt de ziekte van Pompe gediagnosticeerd? De ziekte van Pompe is doorgaans makkelijker te identificeren bij jonge kinderen omdat de tekenen en symptomen gewoon veel meer tot uiting komen, en vaak is de ernst van de situatie veel duidelijker. In veel gevallen is een radiografie van de borst waarop een aanzienlijk vergroot hart te zien is voor de dokter een aanwijzing dat er een ernstig probleem is dat verder onderzocht moet worden. Ook andere opduikende tekenen en symptomen die dokters of ouders vaststellen (zoals moeite om te ademen of traag ontwikkelende motorische vaardigheden), of laboratoriumresultaten kunnen een klinisch vermoeden van de ziekte van Pompe doen ontstaan. ![]() Trager meekomend hoofd kan klinisch vastgesteld worden bij patiënten met infantiele vorm
Bij oudere patiënten kan de weg naar een accurate diagnose uitermate frustrerend zijn en gepaard gaan met heel wat uitdagingen. Veel symptomen van de ziekte van Pompe lijken sterk op symptomen van andere, vaker voorkomende ziekten en soms duiken ze niet tegelijkertijd op. Veel dokters hebben overigens nog nooit een patiënt met de ziekte van Pompe gezien. Dat maakt dat dokters vaak eerst andere oorzaken moeten uitsluiten voor ze een zeldzame ziekte als de ziekte van Pompe in overweging nemen. Soms hebben patiënten voornamelijk ademhalingsklachten en die kunnen aan tal van ziekten te wijten zijn. In andere gevallen is spierverslapping het eerste symptoom zonder dat de patiënt last heeft van kortademigheid. Vaak voorkomende verkeerde diagnosen zijn onder andere bekkengordeldystrofie of de ziekte van Duchenne en polymyositis, een ontstekingsachtige myopathie. [1, 2] Laboratoriumtests Bij een spierbiopsie verwijderen dokters chirurgisch een heel klein stuk spierweefsel, om de hoeveelheid en activiteit van het enzym GAA te analyseren. Huidbiopsieën hebben hetzelfde doel maar voor die analyse worden huidcellen gebruikt in plaats van spiercellen. Bijgevolg is de verwijdering van huidweefsel niet diepgaand of invasief. Uit beide tests zal meestal een verminderde of onbestaande GAA-activiteit blijken en dat bevestigt de diagnose van de ziekte van Pompe. In bepaalde gevallen met infantiele vorm hebben biopsieën aangetoond dat dit enzym vrijwel niet aanwezig is in het lichaam en dat de glycogeenconcentratie in de spier tien keer hoger is.[5] References 1 Hirschhorn, Rochelle and Arnold J. J. Reuser. Glycogen Storage Disease Type II: Acid Alpha-glucosidase (Acid Maltase) Deficiency. In: Scriver C, Beaudet A, Sly W, Valle D, eds. The Metabolic and Molecular Bases of Inherited Disease. 8th Edition. New York: McGraw-Hill, 2001. 3389-3420.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Terms and Conditions of Use | Privacy Policy | © 2013 Genzyme Corporation, a Sanofi Company. All rights reserved. | ||